Een stevig gefundeerde damesmodezaak

FRANEKER – Lodewijk in Franeker zit 75 jaar in de dames- en herenkleding, tegenwoordig verdeeld over twee zelfstandige zaken aan weerszijden van de Voorstraat: Petra Lodewijk Mode (gerund door naamgeefster Petra Lodewijks) en Lodewijk Mode voor Mannen (geleid door haar neef Wilfred Lodewijks). Neef en nicht zijn de derde generatie. De familienaam Lodewijks (met een s) en de bedrijfsnaam zonder s mag wellicht enige verwarring scheppen, maar is het gevolg van een ambtelijke vergissing. Oorspronkelijk was het Lodewijk. Toen een voorouder bij de aangifte van een geboorte uitbundig was en zijn naam van een sierlijke krul voorzag, meende een ambtenaar er een s in te zien! Men liet het erbij.

Beide kledingzaken hebben niets met elkaar van doen, maar ze dragen natuurlijk wel dezelfde oorsprong en ze trekken vandaag de dag soms gezamenlijk op in de marketing. Bijvoorbeeld op billboards in de provincie.

‘Je versterkt elkaar op die manier. Mannen en vrouwen kunnen op vrijwel dezelfde locatie winkelen. Dat is van belang op momenten van een familiefeestje of een speciale gelegenheid wanneer de vrouw en de man zich beide in het nieuw willen steken,’ zegt Petra (45).

De kans van slagen in Franeker is groot want beide zaken staan goed aangeschreven.

De geschiedenis van de bedrijven voert terug naar de scheepvaart. De ouders van het oprichtersechtpaar Wiltje Lodewijks en Pierkje de Boer waren respectievelijk beurtschipper en scheepsbouwer. Wiltje en Pierkje begonnen in de crisisjaren voor de oorlog voorzichtig met een nering in textiel. Ze hadden een winkeltje ingericht in de voorkamer van hun woning op de hoek van Hofstraat-Nieuwe Hof. Wiltje ging de boer op met de koopwaar op zijn rug. De concurrentie was groot en daarom schafte Wiltje een bakfiets aan om een grotere regio te kunnen bedienen en sneller langs de deuren te gaan. Later deed hij zijn rondes met een hondenkar waardoor hij meer kon meenemen. Alleen als het markt in Franeker was bleef Wiltje in de stad en richtte hij zijn kraam in. Vanaf dat moment stonden zij ingeschreven in de Kamer van Koophandel en staat 1943 te boek als oprichtingsjaar. Na de oorlog werden de zaken nog energieker aangepakt. In 1949 werd een tot rijdende winkel omgebouwde bestelauto in gebruik genomen, een Britse Commer met zo’n platte neus die destijds populair was. Omdat de aanvoer steeds minder over het water ging (Zuiderkade) en veel meer over de weg, kochten Wiltje en Pierkje de panden 5 en 7 aan de Voorstraat. Steeds meer artikelen werden naast de kleding verkocht: stoffen, babykleertjes, lingerie en ook kinderwagens. Lodewijk moest de gezinnen over de vloer krijgen.

Dames- en herenmode

Wiltje was een ras-ondernemer. In de jaren vijftig werd kleding functioneler en modieuzer en hij realiseerde zich dat er een keuze moest worden gemaakt. Hij besloot zich uitsluitend op kleding toe te leggen en onderscheid te maken tussen een dames- en mannenzaak. In 1955 kocht hij voor de damesmode de mooie Voorstraat-panden 32 en 34 en drie jaar later aan de overkant Voorstraat 23 voor de mannenmode. In 1970 werd het belendend pand 21 aangekocht. Nog was de uitbreidingshonger niet gestild want de naastgelegen panden van 32 en 34 werden ook aan het totaal toegevoegd.

Inmiddels waren de zonen Jacob en Tjerk in de zaak gekomen. De ondernemerslust hadden zij van hun ouders geërfd. Huishoudtextiel werden steeds minder in een speciaalzaak en steeds meer in textielsupers gekocht. Dat was voor de broers reden om contact te zoeken met de HEMA. Het warenhuis wilde wel naar Franeker komen en franchisegever worden, maar men vond het pand Voorstraat 5 te klein. Het probleem loste zichzelf op toen hun buurman Hayo Haitsma, Opel-dealer, gedwongen werd met zijn garage uit de binnenstad te vertrekken. Jacob en Tjerk bedachten zich geen moment. Wéér ruimte erbij en nu een groot hoekpand! Franeker blij, want een HEMA in je stad is een trekker voor winkelpubliek. Later is de HEMA-exploitatie verkocht (het pand is aangehouden) en is dit warenhuis nog steeds de beste winkelbuurman die je kunt hebben. Thans vormt het vastgoed dat in familiebezit is gebleven een stevige basis voor beide Lodewijk-bedrijven. Petra’s ouders Jacob (76) en Riet (74) wonen achter haar zaak.

Hele Noorden

Op een winkeloppervlak van 800 m2 kleedt Petra Lodewijks vrouwen van 15 tot 90+. De basis is een keur aan sterke merken waarvan uitgebreide collecties worden geboden. Maar het aantal merken is niet zo belangrijk, vindt Petra.

‘Ik doe liever met minder merken méér.’

De zaak trekt klanten uit het hele Noorden, maar ook uit de kop van Noord-Holland. Je bent immers zo de Afsluitdijk over.

‘Afstand is net als met een restaurant niet erg bezwaarlijk. Voor een prettige winkelbeleving willen de mensen er graag op uit. Ze vinden deze winkel uniek. En inderdaad, in lang niet elke plaats vind je wat hier is,’ aldus Petra.

Ze kan goed monitoren wat wel en wat niet goed verkoopt, welke merken de mensen aanspreken en wat de modetrends zijn. Alles is namelijk geautomatiseerd. Verder vertrouwt Petra op haar ‘marktgevoel’ en verneemt ze de reacties op de winkelvloer. Ze kent haar publiek en stemt daar haar inkoop op af. Inkopen is cruciaal in de kleding. Petra doet dat in zowel binnen- als buitenland.

Over het algemeen weten de dames wat ze willen.

Petra: ‘Ze lezen de bladen en kijken op onze internetsite, die goed wordt bezocht. Veel mensen hebben zich al georiënteerd voordat ze in de winkel komen. En natuurlijk worden ze goed geholpen door vijftien verkoopadviseuses. Het aansturen van dit team is een van de taken waar ik mij mee bezig hou.’

Zij zelf houdt een oogje in het zeil en volgt de bewegingen in de winkel: ‘Verder schenk ik koffie in het winkelcafé, want ik ben nu eenmaal de gastvrouw!’

Afrekenen doet ze ook; het is een belangrijk moment: ‘Daar heb je het laatste contact met de klant en zie je wat ze gekocht hebben.’

Voorbestemd

Petra (ze heeft nog een zus) was voorbestemd om de winkel over te nemen: ‘Als meisje wist ik al wat ik wilde. Ik vind het een boeiend en afwisselend vak waarin alle aspecten van het ondernemen om de hoek komen kijken. Ik heb dan ook een opleiding in deze richting gevolgd aan de Textiel Management Opleiding in Doorn.’

Ze heeft een dochter van twaalf, Laura. Zij heeft ook belangstelling voor de kledingbranche en voor de zaak. Moeder en dochter staan afgebeeld in het magazine dat de zaak twee maal per jaar laat verschijnen. 

‘Ik zou het mooi vinden als Laura later het bedrijf overneemt, maar ik laat het volledig aan haar.’

www.lodewijkmode.nl

Joomla SEF URLs by Artio
Website realisatie: Noordoost.nl Heerenveen