friesjournaal logo

Even een paar cijfers op een rij. In 2020 waren er 74.369 stellen die middels het huwelijk dan wel een geregistreerd partnerschap de mooiste dag van hun leven beleefden, 31.802 hadden een wat minder mooie dag. Dit lijkt veel, ruim 42%. Ten opzichte van 1970, 15%, is het ook veel, maar het aantal is wel dalende. Heeft Corona nog invloed gehad? Er zijn er die zijn van mening dat de Corona en de daarbij behorende financiële onzekerheid er mede voor heeft gezorgd dat mensen een scheidingsbeslissing hebben uitgesteld. Mocht dat zo zijn, dan zou, nu de Corona-epidemie voorbij is, er een stijging aan moeten komen. Welnu, deze maand mei, een van die drie maanden met de meeste mooiste dagen, kan het geen kwaad eens stil te staan wat men na een gemiddelde huwelijksduur van 14,9 jaar in 2037 kan verwachten als het op de verdeling van het vermogen aankomt.

Maar, voordat dat zover is, is het eerst van belang kennis te nemen van de vraag hoe er vermogensrechtelijk getrouwd kan worden. En daaronder wordt tevens verstaan het geregistreerd partnerschap. Anders is immers niet duidelijk of, en zo ja hoe, het vermogen uiteindelijk verdeeld moet worden.

Er kan getrouwd worden in gemeenschap van goederen en onder huwelijkse voorwaarden. 

In de eerste situatie, gemeenschap van goederen, blijven bezittingen en schulden die van een van beiden waren, buiten de gemeenschap. Dit geldt ook voor schenkingen en erfenissen, ook al zijn deze tijdens het huwelijk verkregen. Voor het overige geldt dat alles wat verkregen wordt tijdens het huwelijk gemeenschappelijk wordt. Bij een verdeling bij scheiding krijgt een ieder 50% van het bezit en 50% van de schulden. Bezit van voor het huwelijk van een van de partners blijft buiten de verdeling. Aandachtspunt is nog wel wanneer er getrouwd is in gemeenschap van goederen. Was dit voor 2018, dan is alles gemeenschappelijk. Ook de schenkingen en erfenissen, tenzij in het testament of de schenkingsakte een uitsluitingsclausule is opgenomen. Dit moet goed worden vastgelegd en geadministreerd. Het zal niet de eerste keer zijn dat hetgeen van de suikeroom is verkregen gevoelsmatig ten onrechte alsnog moet worden verdeeld.

Huwelijkse voorwaarden kennen een aantal varianten. De koude uitsluiting, een beperkte gemeenschap van goederen en het verrekenbeding.

Bij een koude uitsluiting ontstaat er geen gemeenschap van goederen. Alle bezittingen en schulden van voor het huwelijk en verkregen tijdens het huwelijk bevinden zich in de privévermogens van de partners. Boedelscheiding is in dit geval makkelijk. Die is er niet.

Bij een beperkte gemeenschap van goederen wordt vastgelegd wat wel en wat niet in de gemeenschap valt. Dit geldt niet alleen voor de nulmeting bij het aangaan van het huwelijk, maar ook voor vermogen dat ontstaat tijdens het huwelijk. Ook hiervoor geldt dat een goede administratie onontbeerlijk is. En in de praktijk veelal ontbreekt. Over 14,9 jaar een potentiële bron van eindeloos getouwtrek.

Bij een verrekenbeding worden bepaalde inkomsten of vermogen verdeeld over de beide partners. De minderbedeelde kan toch een beetje meeprofiteren. Verrekenen kan periodiek, ieder jaar, wat overigens zelden gebeurt, maar ook finaal, aan het einde van het huwelijk.

Als nu de dagen wat minder mooi worden, en het komt er uiteindelijk op aan, dan bepaalt het huwelijksvermogensrecht of er verdeeld moet worden, hoe en hoeveel. Bij een niet uitgevoerd periode verrekenbeding kan dat tot onverwachte gevolgen leiden en tot lijden van de vermeend meest vermogende. Een soort van gemeenschap van goederen ligt op de loer en alles tijdens het huwelijk opgebouwd gaat fiftyfifty. Maar, het komt daarentegen ook voor dat er niet verdeeld hoeft te worden terwijl er uit morele verplichting en verzorgingsgedachte de minst vermogende toch wat minder bedeeld verder moet gaan, bijvoorbeeld met de woning, die nu net van de ander is. En hoe schuif je diegene nu wat toe zonder dat de fiscus langs komt? Het aangaan van een beperkte gemeenschap van goederen zou misschien een oplossing kunnen zijn. Deze wordt zodanig vormgegeven dat de minst bedeelde bij een verdeling toch datgene krijgt wat de bedoeling is. 

In het zicht van overlijden zijn twee partners, waarvan een ernstig ziek was, dit alsnog overeengekomen. Ze hebben de gemeenschap van goederen gewijzigd in huwelijkse voorwaarden waarbij 90% van het vermogen toe kwam aan degene met de langste levensverwachting. En zoals verwacht, kort na het wijzigen kwam de ernstig zieke partner met nog slechts 10% van het totale vermogen te overlijden. De inspecteur vond dit een schenking. De rechtbank, in navolging van een oude uitspraak van de Hoge Raad, zag hierin geen schenking, maar het gerechtshof, waar de zaak door het hoger beroep van de fiscus terecht was gekomen, weer wel. Wat nu de uiteindelijke uitkomst van dit welles-nietes spelletje zal worden, is nog niet bekend. De Hoge Raad moet er nog over oordelen. En als het oordeel niet anders zal zijn dan in zijn eerdere uitspraken, dan biedt dit ruimte om binnen het huwelijk zonder fiscale gevolgen met vermogen te schuiven. In het zicht van een echtscheiding zou dit een oplossing kunnen zijn de minst bedeelde iets minder berooid achter te laten.

Partners